ECLI:NL:RBALM:2000:AA5663
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering AOW-toeslag wegens fout in inkomensverwerking
Eiser ontving vanaf februari 1997 een AOW-pensioen met toeslag, gebaseerd op een onjuiste inkomensclassificatie van de AAW-uitkering van zijn echtgenote. Verweerder, de Sociale Verzekeringsbank, had deze uitkering als inkomen uit arbeid aangemerkt in plaats van inkomen in verband met arbeid, waardoor een deel van de toeslag onterecht werd toegekend.
Eiser heeft tijdig en herhaaldelijk correcte informatie verstrekt over het inkomen van zijn echtgenote, maar verweerder heeft nagelaten hier adequaat op te reageren. Bij besluit van 8 juli 1999 trok verweerder de toeslag met terugwerkende kracht in en vorderde het onverschuldigd betaalde bedrag van bijna f 8.000,- terug.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onzorgvuldig heeft gehandeld door de fout niet tijdig te corrigeren en dat eiser de fouten in de beschikkingen niet redelijkerwijs kon onderkennen. De terugvordering met volledige terugwerkende kracht over de periode na 19 maart 1998 is daarom in strijd met het zorgvuldigheids- en rechtszekerheidsbeginsel.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond voor zover het de terugwerkende kracht betreft vanaf 19 maart 1998 tot 8 juli 1999, vernietigt het bestreden besluit voor dat deel en veroordeelt verweerder in de proceskosten en griffierecht. Het beroep is voor het overige ongegrond.
Uitkomst: De terugvordering van de AOW-toeslag met terugwerkende kracht wordt deels vernietigd wegens onzorgvuldig handelen van verweerder.