ECLI:NL:RBALM:2001:AD3789
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Drewes
- Rechtspraak.nl
Verbod op contact en verblijf in Enschede voor verdachte van seksueel misbruik kinderen
In deze kortgedingprocedure vorderen de ouders van drie minderjarige kinderen een contactverbod en een verbod voor de verdachte om zich in Enschede te bevinden, vanwege seksueel misbruik. De verdachte is in een strafzaak veroordeeld voor medeplegen van verkrachting jegens één kind, maar ontkent de feiten en is in hoger beroep gegaan. De rechtbank oordeelt dat het misbruik jegens dat ene kind voldoende aannemelijk is, maar onvoldoende bewijs is voor misbruik jegens de andere twee kinderen.
De rechtbank wijst het contactverbod en het verbod om zich in Enschede te bevinden toe voor een periode van twee jaar, met dwangsommen en gijzeling bij overtreding. De vorderingen tot schadevergoeding worden afgewezen wegens onzekerheid over de bewezenheid van de feiten. De rechtbank benadrukt het belang van de bescherming en rust van de kinderen, die het misbruik moeten verwerken.
De verdachte wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad. De rechtbank erkent het grondrecht van de verdachte op vrije bewegingsvrijheid, maar stelt dat dit wijkt voor de levensbelangen van de kinderen in deze uitzonderlijke omstandigheden.
Uitkomst: De rechtbank wijst het contact- en verblijfverbod toe voor twee jaar en wijst de schadevergoedingsvorderingen af wegens onvoldoende bewijs.