ECLI:NL:RBALM:2001:AF0137
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Beuving
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende medewerking en problematiek
Verzoeker X., met een schuldenlast van ruim f.46.000,- waaronder een aanzienlijke belastingschuld, heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. X. is ex-verslaafde en heeft in het verleden een hulpverleningstraject gevolgd, maar heeft daarna geen contact meer onderhouden met hulpverleners en toont onvoldoende motivatie om zijn problemen aan te pakken.
De rechtbank stelt dat afwijzing van het verzoek alleen mogelijk is op grond van artikel 288 Faillissementswet Pro. Gezien de verstrekte informatie en het gebrek aan medewerking acht de rechtbank het verzoek ongegrond. De schuldsanering dient het sluitstuk te zijn van hulpverlening waarbij eerst verslaving, familieproblemen en werk moeten worden aangepakt.
De rechtbank overweegt dat X. zijn verplichtingen waarschijnlijk niet zal nakomen en dat zijn schulden deels verwijtbaar zijn ontstaan, met name de belastingschuld. Ook is sprake van onvoldoende te goeder trouw handelen. De rechtbank wijst het verzoek af en geeft aan dat een toekomstig verzoek kansrijk kan zijn indien X. zijn persoonlijke problemen heeft opgelost en geen verwijtbare schulden meer heeft.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onvoldoende medewerking en gegronde vrees dat verplichtingen niet worden nagekomen.