ECLI:NL:RBALM:2002:AE7612
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Inden
- Rechtspraak.nl
Verbod op het verzenden van spam en openbaarmaking contactlijst door gedaagden
De Staat der Nederlanden vordert in kort geding een verbod tegen gedaagden op het verzenden van grote hoeveelheden ongewenste e-mail (spam) naar leden van de Tweede Kamer en andere staatsinstanties, alsmede een verbod op het openbaar maken van een lijst met contactgegevens die via het programma "stopcodex.exe" verspreid wordt.
De voorzieningenrechter oordeelt dat gedaagden 8 en 9 niet op juiste wijze zijn opgeroepen en verklaart de dagvaarding tegen hen nietig. Voor de overige gedaagden wordt de Nederlandse rechter rechtsmacht toegekend. De spam veroorzaakt hinder en schade bij de Staat, waaronder het verstoren van e-mailverkeer en extra kosten voor filters. Gelet op de omvang en aard van de hinder acht de voorzieningenrechter het verzenden van spam onrechtmatig.
Verder wordt geoordeeld dat het openbaar maken van de contactlijst zonder toestemming in strijd is met artikel 8 van Pro de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Ondanks het beroep van gedaagden op vrijheid van meningsuiting wordt dit niet aanvaard omdat het niet om de inhoud maar om de hoeveelheid e-mail gaat. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen toe, legt dwangsommen op en veroordeelt gedaagden in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagden wordt verboden spam te versturen naar de Staat en de contactlijst openbaar te maken, met dwangsommen bij overtreding.