ECLI:NL:RBALM:2004:AQ6895
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit terugvordering huursubsidie met instandhouding rechtsgevolgen
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van 15 september 2003 waarbij verweerder een eerdere huursubsidie-uitkering voor 1996/1997 heeft gewijzigd en het teveel betaalde bedrag heeft teruggevorderd. Eiseres betoogt dat verweerder geen rekening heeft gehouden met een fout van de uitkeringsinstelling Cadans, die haar een te hoge uitkering verstrekte, waardoor haar belastbaar inkomen hoger werd vastgesteld.
De rechtbank stelt vast dat het besluit is genomen op basis van een ondermandaatregeling die volgens een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) niet verbindend is. De minister heeft echter verklaard de beslissingen uitdrukkelijk voor haar rekening te nemen en verzocht de rechtbank de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten. De rechtbank volgt dit verzoek en vernietigt het besluit vanwege onbevoegdheid, maar behoudt de rechtsgevolgen.
De rechtbank overweegt verder dat het beleid van verweerder om slechts in uitzonderlijke gevallen bepaalde inkomsten buiten beschouwing te laten redelijk is. De fout van Cadans leidt niet tot een administratieve oorzaak die een hoger belastbaar inkomen veroorzaakt, maar tot een daadwerkelijk genoten hoger inkomen. De rechtbank wijst het beroep gegrond, vernietigt het besluit, maar houdt de rechtsgevolgen in stand en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot terugvordering huursubsidie wordt vernietigd wegens onbevoegdheid, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.