ECLI:NL:RBALM:2004:AR2121
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.L.J. Koopmans
- Rechtspraak.nl
Subsidieaanvraag biologische varkenshouderij afgewezen wegens niet tijdig overleggen financieringsverklaring
Eiser diende op 20 december 2001 een subsidieaanvraag in onder de Investeringsregeling Biologische Varkenshouderij (IBV). Verweerder wees de aanvraag op 17 mei 2002 af wegens het niet voldoen aan de economische levensvatbaarheidsvoorwaarde, met name het ontbreken van een tijdige verklaring van een financierende derde die een substantieel deel van de investering zou financieren.
Eiser stelde dat een financieringsopzet met Beleggingsmaatschappij X voldeed aan deze eis, maar verweerder oordeelde dat de verklaring pas na de aanvraagperiode definitief was geworden en dat de financiering niet tijdig was aangetoond. Tevens was er discussie over de juiste interpretatie van de financiële gegevens over de voorafgaande jaren en de toepassing van artikel 8, vijfde lid, onder c, IBV.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de aanvraag als incompleet beschouwde omdat de definitieve financieringsakte pas na de aanvraagperiode was gesloten en dat de bezwaarfase niet als verlengde aanvraagperiode mocht worden gezien. Tevens was de uitleg van de financiële toetsing onduidelijk en onvoldoende gemotiveerd.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder opnieuw op bezwaar moet beslissen met inachtneming van de overwegingen. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet opnieuw beslissen op het bezwaar met inachtneming van de overwegingen.