ECLI:NL:RBALM:2004:AR6525
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Moes
- Zweers
- Haarhuis
- Rechtspraak.nl
Borgtocht blijft bestaan ondanks afbouwafspraken en aandelenoverdracht
Eisers sloten in 1997 een borgtochtovereenkomst met Rabobank voor de schulden van X B.V. Na verkoop van X B.V. in 1998 maakten partijen nadere afspraken over afbouw van de borgstelling. Eisers stelden dat de borgtocht door betalingen van debiteuren en herfinanciering in 1999 was komen te vervallen en dat Rabobank haar zorgplicht had geschonden.
Rabobank voerde aan dat het blanco-deel van de financiering nooit onder het maximum was gedaald en dat de herfinanciering geen wijziging van de borgtocht inhield. De rechtbank stelde vast dat de borgtocht een zakelijke borgtocht was en niet door opzegging of herfinanciering teniet kon gaan. De afbouw moest worden gezien als een geleidelijk proces gekoppeld aan de bedrijfseconomische situatie van X B.V.
De rechtbank oordeelde dat eisers onvoldoende bewijs leverden voor hun stellingen over nadere afspraken en dat Rabobank niet onzorgvuldig had gehandeld. De vordering van eisers werd afgewezen en zij werden veroordeeld tot betaling van de hoofdsom aan Rabobank, vermeerderd met rente.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eisers af en veroordeelt hen tot betaling aan Rabobank van € 68.067,03 met rente.