ECLI:NL:RBALM:2006:AY8783
Rechtbank Almelo
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing bouwvergunningen verkoopgebouw en hoveniersgebouw Almelo
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen besluiten van het College van Burgemeester en Wethouders van Almelo, waarbij vrijstelling en reguliere bouwvergunningen zijn verleend voor de bouw van een verkoopgebouw met kas en een hoveniersgebouw met tuinhoutopslag op een agrarisch perceel. De vergunningen zijn verleend ondanks negatieve adviezen van de welstandscommissie en terwijl een nieuw bestemmingsplan (bestemmingsplan 2) nog niet in werking was vanwege een schorsingsverzoek bij de Afdeling bestuursrechtspraak.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder terecht de bouwplannen heeft getoetst aan het vigerende bestemmingsplan 1, aangezien bestemmingsplan 2 nog niet van kracht was. Echter, omdat het bestemmingsplan 2 als ruimtelijke onderbouwing is gebruikt voor de vrijstelling en het nog onzeker is of dit plan in werking zal treden, bestaat er onzekerheid over de rechtmatigheid van de vrijstelling.
Gezien het belang van verzoeker, wiens woning nabij het bouwperceel ligt, en het belang van vergunninghoudster bij spoedige realisatie, weegt de voorzieningenrechter het belang van verzoeker zwaarder. Daarom wordt de schorsing van de bouwvergunningen bevolen totdat op het bezwaarschrift is beslist, waarbij verweerder wordt geadviseerd de beslissing op bezwaar aan te houden totdat de Afdeling zich heeft uitgesproken over het schorsingsverzoek van bestemmingsplan 2.
Verder wordt vastgesteld dat verweerder redelijk heeft gehandeld door af te wijken van de negatieve welstandsadviezen, omdat de gemeenteraad nog geen passende welstandscategorie had vastgesteld. De voorzieningenrechter veroordeelt de gemeente Almelo tot vergoeding van het griffierecht aan verzoeker. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: De bouwvergunningen worden geschorst totdat op het bezwaarschrift is beslist.