ECLI:NL:RBALM:2007:AZ5726
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Inden
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bestuurder voor niet-nakoming stortingsplicht en voorschot schadevergoeding na faillissement aannemer
Eisers sloten met Bouwbedrijf [Gedaagde] B.V. koopaannemingsovereenkomsten voor de bouw van een appartementencomplex. Tijdens de bouw werd Bouwbedrijf [Gedaagde] failliet verklaard, waarna de bouw werd gestaakt. Eisers vorderden een voorschot op schadevergoeding van de bestuurder en de oprichter van de aannemer, primair op grond van artikel 2:180 BW Pro en subsidiair op artikel 6:162 BW Pro.
De procedure tegen de oprichter ([Gedaagde] Beheer) werd geschorst vanwege het faillissement. De vordering tegen de bestuurder ([Gedaagde]) werd gedeeltelijk toegewezen. De voorzieningenrechter oordeelde dat de stortingsplicht bij oprichting niet was nagekomen, waardoor de bestuurder hoofdelijk aansprakelijk is op grond van artikel 2:180 lid 2 BW Pro.
De vordering tot een voorschot op schadevergoeding wegens niet-nakoming van de koopaannemingsovereenkomsten werd afgewezen omdat verzuim niet was gesteld. Wel werd toegewezen een voorschot gelijk aan het bedrag van de niet gestelde bankgarantie/ borg, omdat het aannemelijk was dat nakoming daarvan blijvend onmogelijk was. De vordering op grond van onrechtmatige daad werd afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van verwijtbaarheid.
De voorzieningenrechter veroordeelde de bestuurder tot betaling van €164.400,-- met wettelijke rente en in de proceskosten, en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Bestuurder wordt veroordeeld tot betaling van €164.400,-- voorschot op schadevergoeding met wettelijke rente; procedure tegen oprichter geschorst wegens faillissement.