ECLI:NL:RBALM:2007:BB8594
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Veer
- Bordenga
- Jongebreur
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid tussenpersoon voor onderverzekering woonhuis na vuurwerkramp
X was eigenaar van een woonhuis dat op 13 mei 2000 door brand als gevolg van de vuurwerkramp volledig werd verwoest. Het pand was verzekerd via AMEV met bemiddeling van Z, waarbij de verzekerde som in 1993 werd vastgesteld op f 600.000 (€ 272.268,13) zonder indexeringsclausule. Na de brand stelde AMEV de herbouwwaarde vast op f 965.000 (€ 437.897,91), wat duidt op onderverzekering.
X stelde dat de herbouwwaarde in 1993 onjuist laag was vastgesteld en dat Z als tussenpersoon naliet de verzekerde som aan te passen aan renovaties en stijgende bouwkosten. Z voerde aan dat de verantwoordelijkheid primair bij X lag en dat in de jaren negentig geen actieve benadering van cliënten gebruikelijk was. Tevens betwistte Z het causale verband tussen het nalaten van indexering en de schade.
De rechtbank oordeelde dat de vaststelling van de herbouwwaarde in 1993 op basis van f 350 per kubieke meter acceptabel was en dat X primair verantwoordelijk was voor aanpassing van de verzekerde som. Wel had Z meer initiatief moeten tonen om X te waarschuwen voor het ontbreken van indexering, zeker gezien de stijgende bouwkosten. De rechtbank droeg X op bewijs te leveren omtrent de onjuistheid van de herbouwwaarde en de noodzaak tot aanpassing.
De zaak werd aangehouden voor nadere bewijslevering en verdere beslissing. De rechtbank erkende de complexiteit van de aansprakelijkheid voor onderverzekering en de rol van de tussenpersoon in het informeren van de verzekeringnemer.
Uitkomst: De rechtbank draagt bewijslevering op en houdt verdere beslissing aan over de aansprakelijkheid voor onderverzekering.