ECLI:NL:RBALM:2008:BD5521
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van der Winkel
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen intrekking aansprakelijkheidsverklaring 403 en stellen waarborg
Op 30 januari 1990 heeft Hoeveholding een 403-verklaring gedeponeerd waarbij zij zich hoofdelijk aansprakelijk stelde voor schulden van haar dochtervennootschappen, waaronder Belegging- en Adviesbureau De Zuil B.V. In december 2007 en februari 2008 heeft Hoeveholding de intrekking van deze aansprakelijkheid bij de Kamer van Koophandel gedeponeerd en gepubliceerd.
De Rabobank verzet zich tegen deze intrekking omdat zij een openstaand banksaldo van € 23.000,- heeft bij De Zuil en geen verhaal op deze vennootschap verwacht. Zij vordert dat Hoeveholding zekerheid stelt voor deze vordering. Hoeveholding voert aan dat de aansprakelijkheid reeds in 1998 is geëindigd door splitsing van de groep en dat de redelijkheid en billijkheid zich tegen het beroep op de 403-verklaring verzetten.
De rechtbank oordeelt dat de verklaring niet is ingetrokken overeenkomstig artikel 2:404 BW Pro en dat de Rabobank erop mocht vertrouwen dat de aansprakelijkheid bleef bestaan. De redelijkheid en billijkheid verzetten zich niet tegen het beroep op de verklaring. De rechtbank bepaalt dat Hoeveholding uiterlijk op 8 juli 2008 een waarborg van € 23.000,- moet stellen, bij gebreke waarvan het verzet gegrond wordt verklaard. Tevens wordt Hoeveholding veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het verzet van de Rabobank gegrond en stelt een termijn voor het stellen van een waarborg van € 23.000,- door Hoeveholding.