ECLI:NL:RBALM:2008:BG5079
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.J. Jue
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening wegens te late indiening onterecht
Eiser diende een aanvraag in voor een eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening, die door verweerder werd afgewezen wegens te late indiening. De rechtbank stelt vast dat de wettelijke indieningstermijn van 15 november 2007 een fatale termijn was, maar dat verweerder deze termijn tweemaal buitenwettelijk heeft verlengd, eenmaal in overleg met de Minister tot 12 december 2007 en eenmaal uit coulance tot 14 januari 2008 zonder wijziging van de regeling.
Eiser heeft de aanvraag na deze verlengde termijn ingediend en verweerder heeft het bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelt dat de buitenwettelijke verlengingen het fatale karakter van de termijn hebben opgeheven en dat verweerder eiser niet tijdig heeft geïnformeerd over de consequenties van te late indiening.
Daarom is het besluit tot afwijzing van de aanvraag onredelijk en strijdig met artikel 3:4, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en beveelt een nieuw besluit te nemen. Daarnaast veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van proces- en reiskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de aanvraag wegens te late indiening wordt vernietigd.