ECLI:NL:RBALM:2008:BG5125
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- J.H. van der Veer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding en sanering asbestafval erf wegens verjaring en onvoldoende bewijs
Eiseres, lijdend aan mesothelioom, vordert schadevergoeding en sanering van asbestafval op haar erf van Eternit. Zij stelt dat het asbestafval rond 1968 door haar echtgenoot en diens zwager van Eternit is verkregen en dat blootstelling aan dit afval haar ziekte heeft veroorzaakt.
Eternit betwist de aansprakelijkheid, de datum van storting en het causaal verband, en voert verjaring aan. De voorzieningenrechter acht onvoldoende aannemelijk dat het asbestafval in 1968 is gestort, mede gelet op een verklaring van een voormalig Eternit-werknemer dat de uitgifte van blauw asbest al eerder was gestopt en een bodemonderzoek dat blauw asbest bevatte.
De rechter oordeelt dat de absolute verjaringstermijn van 30 jaar is gaan lopen op het moment van storting van het asbestafval, waardoor de vordering verjaard is. Ook de saneringsvordering wordt afgewezen omdat deze verjaard is en geen rechtens te respecteren belang bestaat buiten het eigen perceel. De vorderingen worden afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van eiseres worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs en verjaring.