ECLI:NL:RBALM:2008:BG9264
Rechtbank Almelo
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Opheffing voorlopige voorzieningen en dwangsommen wegens onmogelijkheid nakoming bestuursuitspraak
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Almelo op 19 december 2008 beslist over het verzoek tot opheffing van voorlopige voorzieningen en dwangsommen die waren opgelegd aan verzoeker, een gemeente, wegens het niet tijdig voldoen aan rechterlijke uitspraken omtrent bouwvergunningen.
Verzoeker had bouwvergunningen geweigerd voor betonnen erfverhardingen en tanks op een perceel, waarna meerdere procedures volgden. De voorzieningenrechter had eerder bepaald dat verzoeker binnen zes weken na 13 december 2007 uitvoering moest geven aan uitspraken van 21 september 2007, onder verbeurte van dwangsommen. Verzoeker had dit niet gedaan en dwangsommen werden opgelegd.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRS) bevestigde echter op 27 augustus 2008 dat verzoeker met de besluiten van 18 december 2007 geen uitvoering had gegeven aan de eerdere uitspraken, maar dat het voor verzoeker onmogelijk was geworden alsnog aan die opdrachten te voldoen. De voorzieningenrechter oordeelde daarom dat de voorlopige voorzieningen en dwangsommen per 27 augustus 2008 opgeheven moesten worden. Verzoeker had geen verzoek gedaan om de uitspraken te schorsen tijdens het hoger beroep, waardoor hij verplicht was de besluiten alsnog uit te voeren. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: De voorlopige voorzieningen en dwangsommen worden opgeheven met ingang van 27 augustus 2008 wegens onmogelijkheid nakoming rechterlijke uitspraak.