ECLI:NL:RBALM:2009:BL5427
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek schuldsaneringsregeling wegens ontbreken minnelijke regeling
Op 21 september 2009 diende verzoeker een verzoekschrift in bij de rechtbank Almelo tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. De zaak werd behandeld op 17 november 2009, waarbij verzoeker werd bijgestaan door zijn advocaat.
De rechtbank stelde vast dat er geen minnelijk traject was gestart door de Stadsbank Oost Nederland, zoals vereist op grond van artikel 285 van Pro de Faillissementswet. De advocaat van verzoeker had een inventarisatie van schulden gemaakt, waaruit bleek dat sommige schuldeisers niet zouden instemmen met een regeling onder 100%. Echter, er was geen daadwerkelijke minnelijke regeling aangeboden of getoetst door een onafhankelijke en deskundige partij.
De rechtbank overwoog dat een advocaat in deze context niet als onafhankelijk kan worden beschouwd en dat het ontbreken van een met redenen omklede verklaring over het minnelijk traject een vereiste is volgens artikel 285 lid 1 onderdeel Pro f Faillissementswet. Daarom werd het verzoek van [X] niet-ontvankelijk verklaard.
Het vonnis werd uitgesproken op 24 november 2009 door rechter M.M. Verhoeven in een openbare terechtzitting.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een met redenen omklede verklaring over het minnelijk traject.