ECLI:NL:RBALM:2010:BM8276
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen wegens onvoldoende aannemelijkheid onrechtmatige concurrentie en overtreding concurrentiebeding
Cembrit I.B.S. B.V. vordert in kort geding een verbod op het benaderen van klanten en relaties, afgifte van klantgegevens, en diverse andere maatregelen tegen voormalige werknemers en hun nieuwe onderneming Inncempro B.V., wegens vermeende onrechtmatige concurrentie en schending van een concurrentiebeding.
De gedaagden, voormalige werknemers van Cembrit, hebben een eigen onderneming opgericht en zouden klanten en leveranciers van Cembrit benaderen. Cembrit stelt dat hierdoor het duurzaam bedrijfsdebiet substantieel wordt afgebroken en dat er gebruik wordt gemaakt van vertrouwelijke kennis en eigendommen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat Cembrit onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van onrechtmatige concurrentie of overtreding van het concurrentiebeding. De contacten met leveranciers en klanten zijn niet verboden, en het exclusiviteitsbeding met leveranciers is verlopen. Het gebruik van kennis en materialen is niet onrechtmatig, mede omdat gedaagden zich houden aan het concurrentiebeding en het gebruik van merknamen en foldermateriaal is gestaakt.
De vorderingen worden daarom integraal afgewezen en Cembrit wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van Cembrit worden afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van onrechtmatige concurrentie en overtreding van het concurrentiebeding.