ECLI:NL:RBALM:2010:BN3372
Rechtbank Almelo
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing intrekking erkenning bedrijfsvoorraad wegens afwijking van beleidsregels
Verzoeker had een erkenning voor bedrijfsvoorraad en bijbehorende bevoegdheden, die op 30 juni 2010 door verweerder definitief werd ingetrokken wegens het niet tonen van het overschrijvingsbewijs van een voertuig tijdens een controle op 15 juni 2010. Deze intrekking volgde op een eerdere tijdelijke intrekking van zes weken die was opgelegd na eerdere overtredingen.
Verzoeker stelde dat de herschouwing van de erkenning te vroeg had plaatsgevonden, namelijk binnen de periode van tijdelijke intrekking, en dat verweerder het besluit onvoldoende had gemotiveerd en geen rekening had gehouden met de belangen van verzoeker. Verweerder beriep zich op het geldende beleid en een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit niet voldeed aan de motiveringsvereisten van de Awb en dat de herschouwing in strijd was met het beleidskader, dat voorschrijft dat herschouwing pas na afloop van de intrekkingsperiode mag plaatsvinden. Daarom werd het besluit geschorst tot zes weken na beslissing op bezwaar. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking erkenning bedrijfsvoorraad wordt geschorst tot zes weken na beslissing op bezwaar.