ECLI:NL:RBALM:2011:BP3786
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Huurder dient bedrijfsruimte te ontruimen na afloop huurovereenkomst ondanks geschil over kwalificatie overeenkomst
De huurder sloot op 29 december 2007 een huurovereenkomst voor een bedrijfsruimte aan de Eurowerft 18B te Denekamp voor een periode van twee jaar, lopende tot 1 januari 2010. Na afloop van deze periode bleef huurder het pand gebruiken, waarbij de verhuurder, de gemeente Dinkelland, stelde dat de huurder het pand zonder rechtsgrond gebruikte.
Dinkelland had het pand gekocht en was verplicht het pand uiterlijk 2 mei 2011 vrij van huur en gebruik te leveren aan een derde partij, onder dreiging van een contractuele boete. Dinkelland vorderde daarom ontruiming van het pand door huurder binnen een week na betekening van het vonnis, subsidiair binnen veertien dagen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet nodig was te beslissen of de overeenkomst na 1 januari 2010 een gebruiksovereenkomst of huurovereenkomst was. In beide gevallen was ontruiming gerechtvaardigd: bij gebruiksovereenkomst eindigde het gebruiksrecht per 31 december 2010 en bij huurovereenkomst was sprake van huurachterstand en tekortkoming die ontbinding rechtvaardigde.
De gevorderde termijn van één week voor ontruiming werd te kort geacht en gesteld op veertien dagen. De vordering tot ontruiming werd toegewezen en huurder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van het pand binnen veertien dagen na betekening van het vonnis.