ECLI:NL:RBALM:2011:BP8050
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing executie huurbeding na faillissement
Rabobank verstrekte op 23 mei 2008 een hypothecaire lening aan [X] met een recht van hypotheek op een woning. [X] werd op 5 januari 2011 failliet verklaard en Rabobank verkreeg verlof tot executie van het huurbeding om de woning te ontruimen. Eiseres, die stelt huurder te zijn sinds 9 mei 2007, vorderde in kort geding dat de executie werd geschorst wegens een juridische en feitelijke misslag en misbruik van recht.
De voorzieningenrechter oordeelde dat een executiegeschil zich beperkt tot de vraag of er sprake is van misbruik van bevoegdheid, bijvoorbeeld door een duidelijke juridische of feitelijke misslag. De stellingen van eiseres dat het huurbeding niet tegen haar kan worden ingeroepen omdat zij al huurder was voor het vestigen van de hypotheek, werden niet aannemelijk gemaakt. De inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie en het ontvangen van post op het adres waren onvoldoende bewijs voor bewoning of huur.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de belangenafweging bij het verlenen van het verlof tot executie correct was uitgevoerd en dat er geen sprake was van een noodtoestand of nieuwe feiten die de executie zouden verbieden. De vordering tot schorsing van de executie werd daarom afgewezen en eiseres werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van eiseres tot schorsing van de executie van het huurbeding worden afgewezen.