ECLI:NL:RBALM:2011:BQ7291

Rechtbank Almelo

Datum uitspraak
7 juni 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08-710201-10
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
  • Stoové
  • Jordaans
  • Alers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietigheid tenlastelegging en heropening onderzoek wegens onvolledig sporenonderzoek

De rechtbank Almelo heeft op 7 juni 2011 een interlocutoir vonnis gewezen in een strafzaak tegen verdachte geboren in 1979. De rechtbank oordeelde dat een deel van de tenlastelegging nietig was omdat daarin zowel medeplegen als medeplichtigheid werd genoemd, wat innerlijk tegenstrijdig en onbegrijpelijk was. Hierdoor kon niet worden vastgesteld welke deelnemingsvorm werd bedoeld.

Daarnaast bleek uit het dossier dat het sporenonderzoek door de recherche niet volledig was uitgevoerd. De rechtbank had de officier van justitie eerder opdracht gegeven nadere inlichtingen te verstrekken en aanvullend onderzoek te verrichten. Uit de processen-verbaal bleek echter dat niet duidelijk was of DNA-onderzoek was gedaan op een aangetroffen touw en sok, en of dit alsnog mogelijk was. Tevens ontbrak een volledig overzicht van alle veiliggestelde sporen en de verrichte technische onderzoeken.

De rechtbank besloot daarom het onderzoek te heropenen en het onderzoek ter terechtzitting te hervatten op een nader te bepalen datum. Tevens werd de dagvaarding nietig verklaard vanaf het gedeelte waar de onduidelijkheid over medeplegen of medeplichtigheid bestond. De stukken werden aan de officier van justitie overgedragen om de verdere procedure te verzorgen.

Uitkomst: De rechtbank verklaart een deel van de tenlastelegging nietig en beveelt heropening van het onderzoek wegens onvolledig sporenonderzoek.

Uitspraak

RECHTBANK ALMELO
Parketnummer: 08/710201-10
Uitspraak van 7 juni 2011 (interlocutoir vonnis)
De rechtbank te Almelo, meervoudige kamer voor strafzaken.
Op 22 juni 2010, 31 augustus 2010, 26 november 2010 en 24 mei 2011 heeft het onderzoek ter terechtzitting plaatsgevonden in de zaak van de officier van justitie in het arrondissement Almelo, tegen de verdachte genaamd:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [1979],
wonende te [woonplaats].
De voorvragen.
De rechtbank is met de raadsman van verdachte van oordeel dat de tenlastelegging vanaf het gedeelte: “en/of”, nietig is, aangezien de steller van de tenlastelegging daar zowel de deelnemingsvorm medeplegen als medeplichtigheid heeft telastegelegd op zodanige wijze dat dat gedeelte van de tenlastelegging daarmee innerlijk tegenstrijdig en onbegrijpelijk is.
Het onderzoek.
Voorts is het de rechtbank gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest ten aanzien van de aan verdachte tenlastegelegde feiten.
Ter terechtzitting van 26 november 2010 heeft de rechtbank aan de officier van justitie opdracht gegeven om over de vraagpunten zoals omschreven in het proces-verbaal van die terechtzitting, nadere inlichtingen te verstrekken, onderzoek te verrichten en gegevens aan het dossier toe te voegen.
In opdracht van de officier van justitie heeft de regiopolitie Twente, rechercheteam cluster Noord Oost op 8 december 2010 een proces-verbaal van bevindingen en op 29 maart 2010 een proces-verbaal van sporenonderzoek met foto’s opgemaakt.
Deze processen-verbaal geven evenwel geen antwoord op de vraag of (DNA-) onderzoek heeft plaatsgevonden op het aangetroffen touw/koord (SINAAAH1364NL) en op de aangetroffen sok (SIN AAAH1371NL) en, zo nee, of dat onderzoek alsnog kan worden uitgevoerd.
Bovendien ontbreekt het door de rechtbank gevraagde volledige overzicht van alle in de zaak veiliggestelde sporen en voorwerpen met exacte vermelding van de plaats waar deze zijn aangetroffen en van de handelingen en technisch onderzoek die met en aan die sporen en voorwerpen zijn verricht.
Tenslotte acht de rechtbank het noodzakelijk dat er een kopie van de aangetroffen hotelrekening (SIN AAAH1367NL) aan het dossier wordt toegevoegd.
B E S L I S S E N D E :
Verklaart de dagvaarding nietig vanaf het gedeelte: “en/of”.
Heropent het onderzoek.
Beveelt dat het onderzoek ter terechtzitting zal worden hervat op een nader in overleg met de officier van justitie te bepalen datum en tijd.
Stelt de stukken in handen van de officier van justitie, opdat deze als voormeld zal (doen) handelen.
Beveelt de oproeping van verdachte tegen de nadere zitting, met verzoek tot kennisgeving van die zitting aan de raadsman mr. J.W. Stegeman.
Dit vonnis is gewezen door mr. Stoové, voorzitter, mrs. Jordaans en Alers, rechters, in tegenwoordigheid van Endlich, griffier, en is uitgesproken op 7 juni 2011.