ECLI:NL:RBALM:2011:BQ9991
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering curator bestuurdersaansprakelijkheid na faillissement BV
De curator van het faillissement van [X] Beheer B.V. vorderde hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder voor het boedeltekort op grond van artikel 2:248 BW Pro. De bestuurder stelde dat hij een regeling met de Belastingdienst had getroffen waarbij hij een bedrag van €158.277,- had betaald ter afwikkeling van zowel privé- als zakelijke belastingschulden, en dat het faillissement van de BV onderdeel van die regeling was.
De rechtbank heeft uitgebreid bewijs verzameld, waaronder getuigenverklaringen van de bestuurder, betrokken ambtenaren van de Belastingdienst en derden. Uit deze verklaringen bleek dat er sprake was van een mondelinge en deels schriftelijke afspraak met de fiscus, waarbij na betaling van het genoemde bedrag de privé-schulden waren afgehandeld en de bestuurder het faillissement van de BV moest aanvragen om verdere invordering te voorkomen.
Hoewel geen finale kwijting was verleend voor de zakelijke schulden van de BV, was de rechtbank van oordeel dat de curator onvoldoende had onderbouwd dat de bestuurder tekort was geschoten in zijn verplichtingen. De regeling met de fiscus en het faillissement volgden uit de afspraken, waardoor de bestuurder niet aansprakelijk kon worden gehouden voor het boedeltekort.
De rechtbank wees daarom de vordering van de curator af en veroordeelde de curator in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de curator af en veroordeelt hem in de proceskosten.