ECLI:NL:RBALM:2011:BT2041
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.H. van der Veer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering wegens verjaring persoonlijke aansprakelijkheid bewindvoerder WSNP
Eisers vorderden een verklaring voor recht dat de bewindvoerders tijdens de WSNP-regeling tekort zijn geschoten in hun zorgplicht en aansprakelijk zijn voor de oplopende schuld aan het LBIO.
De rechtbank stelt vast dat eisers en bewindvoerders bekend waren met de oplopende schuld tijdens het WSNP-traject, en dat de bewindvoerders mogelijk hun zorgplicht hebben geschonden. Echter, de rechtbank oordeelt dat de vordering tot schadevergoeding verjaard is, omdat de vijfjarige verjaringstermijn is gaan lopen op de dag na het einde van de WSNP-regeling, en eisers pas na meer dan vijf jaar actie hebben ondernomen.
De rechtbank volgt de jurisprudentie van de Hoge Raad dat de verjaringstermijn pas begint te lopen wanneer de benadeelde daadwerkelijk in staat is een rechtsvordering in te stellen, maar acht het redelijk dat eisers na de verificatievergadering in 2001 hadden moeten handelen.
Daarom verklaart de rechtbank de vorderingen van eisers niet-ontvankelijk en veroordeelt hen in de proceskosten.
Uitkomst: Eisers worden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen wegens verjaring.