ECLI:NL:RBALM:2011:BT2636
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering voorschot schadevergoeding en opbokken catamaran
Eiser is eigenaar van een eigenbouw catamaran die circa 21 maanden op de werf van Consonant heeft gestaan. Na tewaterlating constateerde eiser lekkages en stelde Consonant aansprakelijk voor schade door onjuist transport en opbokken. Eiser vorderde onder meer dat Consonant de catamaran deugdelijk zou opbokken en een voorschot op schadevergoeding zou betalen.
Consonant betwist aansprakelijkheid en verwijst naar een eigen expertise die geen verwijtbare tekortkomingen vaststelt. De rechtbank oordeelt dat in kort geding onvoldoende aannemelijk is dat Consonant aansprakelijk is en dat er geen spoedeisend belang is bij betaling van een voorschot. Ook is niet aannemelijk dat de catamaran onjuist is opgebokt, mede omdat eiser zelf wijzigingen aan het opbokken heeft aangebracht.
De rechtbank wijst alle vorderingen af en veroordeelt eiser in de proceskosten. De uitspraak benadrukt dat nadere bewijslevering in een bodemprocedure noodzakelijk is om aansprakelijkheid en causale verband vast te stellen.
Uitkomst: Vorderingen van eiser worden afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van aansprakelijkheid en gebrek aan spoedeisend belang.