ECLI:NL:RBALM:2012:BV3910
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig bewijs bij ontuchtige handelingen minderjarige
Verdachte werd beschuldigd van het plegen van ontuchtige handelingen met een minderjarige in Italië in de zomer van 2009. De tenlastelegging omvatte onder meer het seksueel binnendringen en aanrakingen van het slachtoffer, gebaseerd op diens aangifte en verklaringen van familieleden.
Tijdens de procedure ontkende verdachte de feiten en maakte gebruik van zijn zwijgrecht. Het dossier bevatte verklaringen van het slachtoffer en haar familie, alsmede enkele sms-berichten tussen verdachte en het slachtoffer. De rechtbank oordeelde dat deze bewijsvoering onvoldoende was om de tenlastegelegde feiten te bewijzen, mede omdat het sms-bericht van verdachte niet zonder meer ongeloofwaardig was.
De rechtbank sprak verdachte vrij wegens het ontbreken van wettig bewijs. De vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard, aangezien de strafrechterlijke procedure niet tot een veroordeling leidde en de civiele rechter bevoegd is voor dergelijke vorderingen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens het ontbreken van wettig bewijs voor ontuchtige handelingen met een minderjarige.