ECLI:NL:RBALM:2012:BW2525
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Zweers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in geschil over verdeling varkensrechten na ontbinding maatschap
De zaak betreft een geschil over de verdeling van varkensrechten na de ontbinding van een maatschap tussen ouders en hun zoon, waarbij de zoon failliet is verklaard. De curator vordert betaling van een deel van de opbrengst van de varkensrechten die door ABN Amro zijn ontvangen, stellende dat de zoon mede-eigenaar is van deze rechten. ABN Amro en de huidige maatschap betwisten dit en voeren aan dat de juridische eigendom bij de ouders ligt en dat de maatschap nog niet is gescheiden en gedeeld.
De curator vraagt een voorlopige voorziening om betaling af te dwingen, maar de rechtbank oordeelt dat het spoedeisend belang ontbreekt omdat de scheiding en deling van de maatschap nog niet heeft plaatsgevonden en de afwikkeling van het faillissement daardoor niet onnodig wordt vertraagd. Daarnaast bestaat een aanzienlijk restitutierisico voor ABN Amro indien het bedrag aan de boedel wordt toegekend.
De rechtbank staat toe dat de huidige maatschap zich voegt aan de zijde van ABN Amro en compenseert de proceskosten in het incident. De gevorderde voorlopige voorziening wordt afgewezen en de curator wordt veroordeeld in de proceskosten. De kostenveroordeling ten aanzien van de huidige maatschap wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De gevorderde voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.