ECLI:NL:RBALM:2012:BW3366
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens onvoldoende zwaarwegende redenen
De werknemer trad in september 2009 in dienst als beveiligingsbeambte A bij de werkgever, een beveiligingsbedrijf in Twente. Na meerdere tijdelijke contracten werd een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd gesloten die eindigde in maart 2012. De werkgever verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens onvoldoende functioneren en diverse incidenten.
De werkgever stelde dat de werknemer onder meer thuis pauzeerde tijdens diensten, het object niet goed afsloot, verzuimde rapportages correct achter te laten en onvoldoende communiceerde met leidinggevenden. De werknemer erkende enkele tekortkomingen, zoals het thuis pauzeren en het vergeten openen van een object, maar betwistte andere verwijten en wees op onvoldoende begeleiding en communicatie vanuit de werkgever.
De kantonrechter oordeelde dat de incidenten onvoldoende ernstig en onvoldoende onderbouwd waren om ontbinding te rechtvaardigen. Er was geen sprake van ernstige tekortkomingen of waarschuwingen met verstrekkende gevolgen. De werkgever had geen concrete eisen gesteld of begeleiding geboden om de prestaties te verbeteren. Het verzoek tot ontbinding werd daarom afgewezen.
De rechtbank benadrukte dat de werknemer gemotiveerd is zijn functie te behouden en dat de werkgever duidelijkheid moet verschaffen over de verwachtingen en passende ondersteuning moet bieden. De werkgever werd veroordeeld in de proceskosten, die nihil werden begroot.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende zwaarwegende redenen.