ECLI:NL:RBALM:2012:BY4063
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken van opzet bij huisvesting hanen in beperkte ruimte
De rechtbank Almelo heeft verdachte vrijgesproken van het opzettelijk huisvesten van hanen in een beperkte ruimte waardoor deze verwondingen opliepen door het zogenaamde treden. De politierechter oordeelde dat het bestanddeel opzet niet bewezen kon worden. Verdachte ontkende kennis te hebben van het gevaar dat hanen elkaar zouden treden in de beperkte ruimte en uit het bewijs volgde niet dat hij deze kennis wel had.
De officier van justitie had een werkstraf geëist wegens het opzettelijk veroorzaken van pijn en letsel aan hanen door ongeschikte huisvesting. De politierechter stelde vast dat opzet niet in artikel 36 Gezondheids Pro- en welzijnswet voor dieren is genoemd, maar dat opzet in de rechtspraak als bestanddeel wordt ingelezen. Omdat bewijs voor opzet ontbrak, leidde dit tot vrijspraak.
De rechtbank concludeerde dat het niet aannemelijk was dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat de hanen elkaar zouden verwonden. Er was geen bewijs dat het een feit van algemene bekendheid was dat hanen in beperkte ruimten elkaar zouden treden. De vrijspraak werd uitgesproken tijdens de openbare terechtzitting van 2 november 2012.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs voor opzet bij het huisvesten van hanen in een beperkte ruimte.