ECLI:NL:RBALM:2012:BY4531
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Handelen in strijd met artikel 5 Handelsnaamwet door gebruik verwarrende handelsnamen na faillissement
In deze kortgedingzaak vorderen ITW Eibergen B.V. en de curator van gefailleerde vennootschappen dat gedaagde sub 1 en gedaagde sub 2 het gebruik van handelsnamen die gelijk zijn aan of slechts in geringe mate afwijken van de handelsnamen van de failliete ondernemingen staken. De handelsnamen zijn bij een doorstart overgedragen aan ITW. Gedaagden voeren een eigen bedrijf onder een naam die verwarring kan veroorzaken met de oude handelsnamen en zijn gevestigd op hetzelfde adres.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de curator ontvankelijk is omdat hij het belang van de boedel dient te beschermen. De handelsnamen zijn rechtsgeldig overgedragen met de activa, ondanks dat passiva niet zijn overgedragen. De handelsnamen van de gefailleerde ondernemingen hebben voldoende onderscheidend vermogen en de activiteiten en markt van de ondernemingen zijn nagenoeg gelijk, wat verwarring bij het publiek veroorzaakt.
De voorzieningenrechter wijst de primaire vordering toe en veroordeelt gedaagden om het gebruik van de handelsnamen te staken, met een dwangsom. De voorwaardelijke reconventionele vordering van gedaagde sub 2 wordt afgewezen omdat de primaire vordering is toegewezen. Gedaagden worden veroordeeld in de proceskosten. De termijn voor het instellen van een bodemprocedure wordt vastgesteld op drie maanden.
Uitkomst: Gedaagde sub 1 en sub 2 worden veroordeeld het gebruik van de handelsnamen te staken wegens strijd met artikel 5 Handelsnaamwet, met een dwangsom en veroordeling in proceskosten.