ECLI:NL:RBALM:2012:BY8404
Rechtbank Almelo
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek kantonrechter in loonvordering en tegenvordering
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter die de loonvordering van verzoeker grotendeels had toegewezen en daarnaast de tegenvordering van gedaagde in reconventie in behandeling nam. Verzoeker betoogde dat de kantonrechter onterecht gedaagde in de gelegenheid stelde bewijs te leveren dat verzoeker zaken niet had teruggegeven, en dat de procedure onnodig lang duurde, wat leidde tot hogere advocatenkosten.
De wrakingskamer stelt voorop dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigen. De kamer oordeelt dat de kantonrechter binnen de wettelijke kaders heeft gehandeld, onder meer door uitstel te verlenen aan gedaagde en door de tegenvordering in behandeling te nemen.
Er is geen sprake van feiten of omstandigheden die wijzen op partijdigheid. Het feit dat de procedure langer dan twee maanden duurt, is het gevolg van het toepassen van het beginsel van hoor en wederhoor en kan geen reden zijn voor wraking. Het wrakingsverzoek wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.