ECLI:NL:RBAMS:1998:AA3571
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- D. Allewijn
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen gedoogbesluit geluidszones Schiphol 1998
De Rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek van milieuorganisaties tegen het gedoogbesluit van de Minister van Verkeer en Waterstaat, waarin overschrijdingen van de geluidszones rond Schiphol werden gedoogd tot 1 januari 1999. Verzoekers stelden dat het besluit onrechtmatig was en niet voldeed aan de wettelijke normen en beleidsuitgangspunten.
De Minister had het gedoogbesluit genomen vanwege technische en beleidsmatige redenen, waaronder de spreidingsproblematiek en de wens om groei van het luchtverkeer mogelijk te maken zonder een toename van het aantal geluidsbelaste woningen. De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (StAB) bracht advies uit dat het gedogen per saldo tot minder geluidsbelaste woningen leidt dan strikt handhaven volgens de geldende Aanwijzing.
De rechtbank overwoog dat het gedogen van overschrijdingen is toegestaan indien dit leidt tot gelijkblijvende of verminderde geluidsoverlast. De Minister had aannemelijk gemaakt dat het gedoogbesluit binnen deze grenzen bleef. De rechtbank wees het verzoek tot voorlopige voorziening af en gaf de Minister in overweging om bewoners die door de nieuwe zone zwaardere geluidbelasting ondervinden ruimhartig tegemoet te treden.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen het gedoogbesluit geluidszones Schiphol 1998 wordt afgewezen.