ECLI:NL:RBAMS:2002:AD9668
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Tonkens-Gerkema
- R.H.C. Jongeneel
- M. Melissen
- Rechtspraak.nl
Regeling stemprocedure obligatiehouders in surseance Global Telesystems Europe B.V.
Global Telesystems Europe B.V. (GTS) verkreeg op 14 november 2001 voorlopige surseance van betaling in Nederland, parallel aan een Chapter 11-procedure in de Verenigde Staten. De belangrijkste schuldeisers zijn houders van vijf obligatieleningen, beheerst door New Yorks recht, waarbij de obligatiehouders als beneficial owners worden beschouwd, terwijl de Trustee geen stemrecht heeft.
De rechtbank werd gevraagd een regeling te treffen voor de wijze van indiening van vorderingen en stemming over het akkoord, waarbij de Amerikaanse stemprocedure als maatstaf wordt genomen. De Amerikaanse rechter stelde een stemprocedure vast waarbij obligatiehouders via clearingorganisaties konden stemmen, met een Ballot Agent die de stemmen telde en rapporteerde.
De rechtbank erkent dat de Faillissementswet geen pasklare regeling biedt voor deze situatie, maar dat artikel 225 Fw Pro bevoegdheid geeft om voorzieningen te treffen ter bescherming van schuldeisersbelangen. De rechtbank oordeelt dat de Amerikaanse stemprocedure voldoende waarborgen biedt en dat de stemmen daarin uitgebracht als geldig moeten worden beschouwd in de Nederlandse procedure.
Hiermee wordt voorkomen dat alleen de Trustee mag stemmen, wat contractueel niet is toegestaan en de belangen van de beneficial owners niet recht doet. De rechtbank bepaalt dat de Amerikaanse stemuitslag meetelt voor de Nederlandse schuldeisersvergadering, waarmee recht wordt gedaan aan de economische werkelijkheid en de belangen van de obligatiehouders.
Uitkomst: De rechtbank erkent de Amerikaanse stemprocedure als geldig voor de Nederlandse surseance en bepaalt dat de beneficial owners mogen stemmen over het akkoord.