ECLI:NL:RBAMS:2002:AE7019
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot tenuitvoerlegging Russisch arbitraal vonnis wegens partijdigheid arbiter
Goldtron Limited heeft bij de rechtbank Amsterdam verlof gevraagd tot tenuitvoerlegging van een Russisch arbitraal vonnis tegen Media Most B.V. betreffende een aandelenkoopovereenkomst. De arbitrage werd gevoerd onder het reglement van het International Commercial Arbitration Court (ICAC) in Moskou. Media Most stelde dat de arbitrale procedure niet voldeed aan de beginselen van behoorlijke rechtspleging, onder meer vanwege partijdigheid van de voorzitter van het scheidsgerecht, de heer L.N. Orlov.
Media Most diende een wrakingsverzoek in tegen Orlov wegens zijn vermeende partijdigheid, gebaseerd op een telefoongesprek waarin Orlov de gedaagde Goldtron zou hebben geadviseerd een tegenvordering in te stellen. Het Presidium van het ICAC wees dit wrakingsverzoek af wegens overschrijding van de termijn van 15 dagen voor indiening, zonder inhoudelijke behandeling. De rechtbank oordeelt echter dat de termijn pas begon te lopen op de zitting van 14 september 1999, toen Orlov aankondigde de tegenvordering te overwegen, en dat Media Most het wrakingsverzoek tijdig heeft ingediend.
De rechtbank stelt vast dat het Presidium van het ICAC het wrakingsverzoek ten onrechte niet inhoudelijk heeft behandeld en daarmee is gehandeld in strijd met het overeengekomen arbitragereglement en de Nederlandse beginselen van behoorlijke rechtspleging. Dit leidt tot de conclusie dat de arbitrale procedure niet correct is verlopen en dat de tenuitvoerlegging van het vonnis geweigerd moet worden op grond van artikel V lid 2 van het New York-verdrag.
De Russische rechterlijke uitspraken over vernietiging van het arbitraal vonnis betreffen andere gronden en doen niet af aan dit oordeel. Het verzoek van Goldtron tot tenuitvoerlegging wordt daarom door de voorzieningenrechter afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot tenuitvoerlegging van het Russische arbitraal vonnis wordt afgewezen wegens schending van beginselen van behoorlijke rechtspleging.