ECLI:NL:RBAMS:2002:AE7283
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom voor verwijderen berging zonder vergunning
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen waarbij onder oplegging van een last onder dwangsom werd geëist dat een berging zonder bouwvergunning op zijn perceel wordt verwijderd. De dwangsom bedroeg €250 per dag met een maximum van €5000. Verzoeker vroeg een voorlopige voorziening om schorsing van het dwangsombesluit.
De voorzieningenrechter overwoog dat ondanks dat de maximale dwangsom al was verbeurd, het bezwaar van verzoeker tegen het besluit een voldoende spoedeisend belang oplevert. Indien het besluit onrechtmatig zou blijken, vervalt de rechtsgrond voor invordering van de dwangsom. De berging is gebouwd in strijd met artikel 40 van Pro de Woningwet en kan niet worden gelegaliseerd vanwege strijdigheid met de redelijke eisen van welstand.
De rechter stelde vast dat het college bevoegd en in beginsel zelfs verplicht was handhavend op te treden. De aangevoerde omstandigheden, zoals het langdurig bestaan van de berging en de geplande verhuizing, zijn geen bijzondere omstandigheden die afzien van handhaving rechtvaardigen. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en werd geen proceskostenveroordeling of griffierechtvergoeding toegewezen.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom wordt afgewezen.