ECLI:NL:RBAMS:2003:AF4272
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R. Orobio de Castro
- Rechtspraak.nl
Kort geding over voortzetting must-carry verplichting na niet doorgaan fusie RTVNH en AT5
In dit kort geding stond centraal of na het niet doorgaan van de voorgenomen fusie tussen RTVNH en AT5 de oorspronkelijke situatie moest worden hersteld, waarbij RTVNH een eigen must-carry kanaal als regionale omroep zou behouden en AT5 als lokale omroep op een SALTO-kanaal zou blijven uitzenden, of dat moest worden vastgehouden aan het advies van de Algemene Programma Raad (APR) dat uitging van de fusie.
De voorzieningenrechter heeft overwogen dat het publieke belang, namelijk de continuïteit van het televisieaanbod voor de kijkers, zwaarder weegt dan het belang van AT5. Daarom moet het advies van de APR worden gevolgd totdat een nieuw advies wordt gegeven. De rechter benadrukte dat hij terughoudend moet zijn in het wijzigen van programmaraadadviezen zonder dringende noodzaak op het gebied van openbare orde of goede zeden, die hier niet aanwezig was.
De voorzieningenrechter veroordeelde RTVNH en AT5 om zich binnen twee dagen na betekening van het vonnis te houden aan het advies van de APR voor het jaar 2002/2003 zoals zij dat hadden gedaan vóór het verbreken van de samenwerking. Tevens werden RTVNH en AT5 hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de proceskosten van UPC.
Uitkomst: UPC en AT5 moeten zich houden aan het advies van de Algemene Programma Raad voor 2002/2003 ondanks het niet doorgaan van de fusie.