ECLI:NL:RBAMS:2003:AF8640
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring rechtbank inzake voorlopige voorziening tegen Besluit Overgangsjaar Schiphol
Verzoekers, bestaande uit inwoners van Aalsmeer en omstreken, diverse verenigingen en de gemeente Aalsmeer, hebben voorlopige voorzieningen gevraagd tegen het Besluit Overgangsjaar Schiphol (BOS) van 17 februari 2003. Dit besluit regelt het gebruik van de luchthaven Schiphol gedurende het overgangsjaar, waaronder het gebruik van de Aalsmeerbaan en aanpassing van grenswaarden voor geluidbelasting.
De rechtbank heeft onderzocht of het BOS een besluit is waartegen bezwaar en beroep openstaan. Uit jurisprudentie en de parlementaire geschiedenis blijkt dat het BOS moet worden aangemerkt als een algemeen verbindend voorschrift, aangezien het een zelfstandige normstelling bevat en extern werkt. Hierdoor is bezwaar en beroep tegen het BOS uitgesloten volgens artikel 8:2 Awb Pro.
Verzoekers stelden dat het BOS geen algemeen verbindend voorschrift is omdat het slechts een concrete vrijstelling verleent aan één geadresseerde, N.V. Luchthaven Schiphol. De rechtbank verwierp dit en oordeelde dat het BOS meerdere normadressaten kent en een algemeen karakter heeft.
De rechtbank verklaart zich daarom onbevoegd kennis te nemen van de verzoeken tot voorlopige voorziening. Wel veroordeelt zij de Staat in de proceskosten van verzoekers sub 1 en sub 4 en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed. De rechter wijst erop dat de vermelding van een bezwaarclausule in het BOS onjuist was en verzoekers daardoor op het verkeerde spoor zijn gezet.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de verzoeken tot voorlopige voorziening tegen het BOS en veroordeelt de Staat in proceskosten en griffierecht.