ECLI:NL:RBAMS:2003:AG0145
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen intrekking ligplaatsvergunning woonboot
Verzoeker is eigenaar van een woonboot waarvoor een ligplaatsvergunning is verleend. Na constatering dat de woonboot zonder vergunning was verbouwd, werd een verbouwingsvergunning geweigerd en de ligplaatsvergunning ingetrokken wegens niet-gebruik binnen een redelijke termijn.
De rechtbank overweegt dat verweerder bevoegd was de ligplaatsvergunning in te trekken, maar niet in redelijkheid van deze bevoegdheid gebruik heeft gemaakt. Dit omdat partijen geen overeenstemming bereikten over de oude staat van de woonboot en verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd onder welke voorwaarden de woonboot teruggeplaatst kan worden.
De voorlopige voorziening wordt daarom toegewezen en het besluit tot intrekking geschorst tot zes weken na beslissing op bezwaar. Het verzoek tot voorlopige voorziening tegen de weigering van de verbouwingsvergunning wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht wordt aan verzoeker vergoed.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening tegen intrekking ligplaatsvergunning wordt toegewezen en het besluit geschorst; het verzoek tegen weigering verbouwingsvergunning wordt afgewezen.