ECLI:NL:RBAMS:2003:AI1383
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. van Peijpe
- J.F.A. Graafland
- H.G. Schoots
- Rechtspraak.nl
Beoordeling AOW-pensioen en uitbetaling aan Belgisch orgaan bij dubbele pensioenaanvraag
Eiser, met de Nederlandse nationaliteit, vroeg bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd zowel in Nederland als België een ouderdomspensioen aan. Verweerder kende het Nederlandse AOW-pensioen toe met een korting van 36% wegens niet-verzekerde jaren vanaf 10 september 1982. Tevens werd het pensioen over januari tot en met augustus 2001 uitbetaald aan de Belgische Rijksdienst voor Pensioenen (RVP).
Eiser maakte bezwaar tegen de hoogte van het pensioen en de uitbetaling aan de RVP, maar werd niet-ontvankelijk verklaard in het bezwaar tegen de uitbetaling. De rechtbank oordeelde dat de uitbetaling aan de RVP geen besluit van verweerder was, maar voortvloeide uit een regeling tussen de betrokken instanties volgens Europese verordeningen.
De rechtbank stelde vast dat eiser sinds 10 september 1982 in België woonde en niet meer in Nederland was verzekerd op grond van de AOW. Het beroep van eiser dat hij tot 26 april 1996 onderworpen was aan de Nederlandse loonbelasting werd afgewezen, mede omdat hij als bestuurder zonder vaste beloning niet aan de loonbelasting was onderworpen. De onduidelijkheid over zijn werkzaamheden en vergoedingen lag voor rekening van eiser.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond was en wees een vergoeding van griffierecht en proceskosten af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de korting op zijn AOW-pensioen en de uitbetaling aan de Belgische Rijksdienst voor Pensioenen wordt ongegrond verklaard.