ECLI:NL:RBAMS:2003:AI1384
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. van Peijpe
- J.F.A. Graafland
- H.G. Schoots
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WAJONG-uitkering wegens verhuizing naar Duitsland niet ontvankelijk verklaard
Eiseres ontving een WAJONG-uitkering die door verweerder met ingang van 1 januari 2003 werd beëindigd vanwege haar verhuizing naar Duitsland, op grond van artikel 17, eerste lid, onder c, van de WAJONG. Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd op 7 februari 2002 ongegrond verklaard. Vervolgens stelde eiseres beroep in tegen het uitblijven van een tijdige beslissing op haar bezwaar en tegen het besluit op bezwaar zelf.
De rechtbank stelde vast dat verweerder op 7 februari 2002 alsnog een besluit had genomen, waardoor het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk werd verklaard. Tevens bleek dat eiseres sinds 1 januari 2003 weer in Nederland woonde, waardoor de reden voor beëindiging van de uitkering was komen te vervallen en de uitkering de facto werd gecontinueerd. Hierdoor ontbrak het aan een actueel procesbelang voor het beroep tegen het besluit van 7 februari 2002.
Eiseres voerde aan dat zij bij een toekomstige verhuizing naar het buitenland nog wel belang zou hebben, maar de rechtbank oordeelde dat dit een hypothetisch belang betreft en dat zij tegen een toekomstig besluit opnieuw rechtsmiddelen kan aanwenden. Daarom werden beide beroepen niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank bepaalde dat het betaalde griffierecht aan eiseres wordt vergoed en veroordeelde verweerder in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar WAJONG-uitkering is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een actueel procesbelang.