ECLI:NL:RBAMS:2004:AQ1745
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- Y.A.A.G. de Vries
- M.J.E. Geradts
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs medeplegen poging tot oplichting via illegale internetfaciliteiten
De rechtbank Amsterdam behandelde een zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van het gebruikmaken van faciliteiten van UPC zonder betaling en het medeplegen van poging tot oplichting. De zaak kwam na verwijzing van de politierechter voor de meervoudige kamer.
De officier van justitie stelde dat verdachte betrokken was bij oplichtingspraktijken via een illegale internetaansluiting in een woning te Amsterdam. Diverse proces-verbalen beschreven de vondst van computers, documenten en brieven die mogelijk verband hielden met Nigeriaanse fraude (spam 419). Desondanks kon de rechtbank op basis van het dossier, de verklaringen van verdachte en medeverdachte en de overige bevindingen niet wettig en overtuigend vaststellen dat verdachte daadwerkelijk betrokken was bij de ten laste gelegde feiten.
De rechtbank concludeerde dat de aantoonbare aanwezigheid van verdachte in de woning en de inhoud van de gevonden documenten onvoldoende bewijs vormden voor betrokkenheid bij de fraude. Daarom verklaarde de rechtbank de ten laste gelegde feiten niet bewezen en sprak verdachte vrij. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer onder voorzitterschap van F.G. Bauduin op 15 juli 2004.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van medeplegen poging tot oplichting.