ECLI:NL:RBAMS:2004:AQ6069
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.D. Bonga-Sigmond
- L.E. Kalff
- S.K. de Groot
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering aan Denemarken wegens drugshandel ondanks deels Nederlandse feiten
De rechtbank Amsterdam behandelde op 30 juli 2004 een verzoek tot overlevering van een verdachte aan Denemarken op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). De verdachte wordt verdacht van illegale handel in verdovende middelen, een strafbaar feit volgens zowel Deens als Nederlands recht. Hoewel de feiten deels op Nederlands grondgebied zijn gepleegd, is het zwaartepunt van de strafzaak gelegen in Denemarken.
De officier van justitie vorderde af te zien van weigering van overlevering, onderbouwd met het feit dat de opsporing en vervolging in Denemarken zijn aangevangen en dat bewijsmiddelen, waaronder inbeslaggenomen drugs en verklaringen van medeverdachten, daar aanwezig zijn. Tevens is verzekerd dat de verdachte, indien veroordeeld, zijn straf in Nederland kan uitzitten dankzij een omzettingsgarantie van de Deense autoriteiten.
De rechtbank concludeerde dat aan alle wettelijke eisen voor overlevering is voldaan, waaronder de omzettingsgarantie en de redelijkheid van de vordering van de officier van justitie. De verdachte had zijn onschuld niet kunnen aantonen. De rechtbank besloot daarom de overlevering toe te staan en de afgifte van inbeslaggenomen voorwerpen aan de Deense justitie te bevelen, met de voorwaarde dat deze na gebruik worden teruggezonden.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan Denemarken toe voor drugshandel en beveelt de afgifte van inbeslaggenomen voorwerpen.