ECLI:NL:RBAMS:2004:AR5600
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.D. Bonga-Sigmond
- L.E. Kalff
- S.K. de Groot
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering aan Zweden wegens drugshandel en poging daartoe
De rechtbank Amsterdam behandelde op 5 november 2004 een vordering tot overlevering van een verdachte aan Zweden op basis van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). De verdachte wordt verdacht van medeplegen en poging tot medeplegen van illegale handel in verdovende middelen, strafbare feiten volgens zowel Zweeds als Nederlands recht.
Tijdens de zittingen op 15 en 29 oktober 2004 zijn de verdachte, zijn raadsman en de officier van justitie gehoord. De verdachte ontkende schuld, maar kon dit niet aantonen. De rechtbank concludeerde dat er voldoende aanwijzingen zijn voor schuld en dat de dubbele strafbaarheid is gegeven.
De verdediging voerde aan dat sprake zou zijn van een onrechtmatige undercoveractie en schending van het EVRM, maar de rechtbank oordeelde dat deze klachten niet ontvankelijk zijn in Nederland en behoren tot de Zweedse rechter. Ook werd overwogen dat de verdachte niet in Nederland vervolgd zal worden, waardoor uitlevering niet wordt geweigerd op grond van artikel 9 OLW Pro.
De rechtbank stelde tevens vast dat de opgeëiste persoon de Nederlandse nationaliteit bezit en dat de Zweedse autoriteiten garanties hebben gegeven dat een opgelegde straf in Nederland kan worden uitgezeten. Gezien deze omstandigheden werd de overlevering toegestaan, waarbij geen hoger beroep mogelijk is.
Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de verdachte aan Zweden toe voor strafvervolging wegens drugshandel en poging daartoe.