ECLI:NL:RBAMS:2005:AS8822
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W. Tonkens-Gerkema
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige uitzending over vermeende oplichting door postorderbedrijf
De zaak betreft een geschil tussen een postorderbedrijf dat erotische films en geluidsdragers verkoopt en de omroep Tros, die in het programma Opgelicht een uitzending wijdde aan een conflict tussen het bedrijf en een klant. De uitzending suggereerde onterecht dat het bedrijf zich schuldig maakte aan oplichting, terwijl het geschil civielrechtelijk van aard was en draaide om de vraag of een overeenkomst tot stand was gekomen.
Het programma presenteerde het onderwerp in een context van fraude en oplichting, waardoor bij het publiek de indruk ontstond dat het bedrijf oplichtingspraktijken zou hanteren. De rechtbank oordeelde dat deze suggestie onrechtmatig was omdat deze niet feitelijk was onderbouwd en het bedrijf hierdoor schade leed in haar eer en goede naam.
De rechtbank weegt het belang van de vrijheid van meningsuiting van Tros af tegen het belang van het bedrijf om niet onterecht te worden beschuldigd. Gezien de geringe maatschappelijke betekenis van het civiele geschil en het ontbreken van bewijs voor oplichting, vond de rechtbank dat het belang van het bedrijf zwaarder woog.
Daarom veroordeelde de rechtbank Tros tot het betalen van een schadevergoeding, nader op te maken bij staat, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum van uitzending, en tot betaling van de proceskosten. De uitspraak werd gedaan op 2 maart 2005.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de uitzending onrechtmatig en veroordeelt Tros tot schadevergoeding en proceskosten.