ECLI:NL:RBAMS:2005:AT2565
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.D. Bonga-Sigmond
- R.B. Kleiss
- J.L. Hillenius
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel ondanks identiteitsdiscussie
De rechtbank Amsterdam behandelde op 11 maart 2005 een vordering tot overlevering van een persoon aan België op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). De opgeëiste persoon weigerde ter zitting zijn identiteit te bevestigen, maar vingerafdrukken toonden overeenstemming met de persoon die België wenst overgeleverd. De rechtbank oordeelde dat de identiteit voldoende vaststond.
Het EAB betrof ernstige strafbare feiten zoals mensenhandel en vervalsing van documenten, waarop een zesjarige gevangenisstraf was opgelegd bij verstekvonnis door de correctionele rechtbank te Antwerpen. Hoewel het verstekvonnis nog niet onherroepelijk was en de verdachte nog rechtsmiddelen had ingesteld, gaf België de garantie dat een nieuw proces mogelijk is.
De verdediging voerde aan dat de overlevering moest worden geweigerd wegens onduidelijkheid over identiteit en het feit dat een deel van de feiten in Nederland zou zijn gepleegd. De rechtbank verwierp deze bezwaren en vond dat de officier van justitie terecht afzag van de weigeringsgrond op grond van artikel 13 OLW Pro.
De rechtbank concludeerde dat aan alle wettelijke eisen voor overlevering was voldaan en stond de overlevering toe. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan België toe ondanks discussie over identiteit en het niet-onherroepelijke verstekvonnis.