ECLI:NL:RBAMS:2005:AT5911
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.T. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens openbare mondelinge belediging van politicus in tv-programma
Op 9 december 2002 heeft verdachte in het tv-programma Barend en Van Dorp een politicus beledigd door hem te noemen 'de grootste neonazi uit de Nederlandse politiek'. De rechtbank Amsterdam heeft dit bewezen verklaard en geoordeeld dat deze uitlating de grenzen van de vrijheid van meningsuiting overschrijdt.
De verdediging voerde aan dat de uitlating een toelaatbaar waardeoordeel betrof en dat de politicus als publiek figuur meer kritiek moet dulden, maar dit werd verworpen. De rechtbank stelde dat de uitlating onnodig grievend was en de eer en goede naam van de politicus aantastte.
De rechtbank wees het verweer af dat vervolging een ontoelaatbare inbreuk op de vrijheid van meningsuiting zou zijn en wees ook het beroep op artikel 266 lid 2 Sr Pro af. De opgelegde straf is een geheel voorwaardelijke geldboete van €150 met een proeftijd van twee jaar.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke geldboete van €150 wegens eenvoudige belediging van een politicus.