ECLI:NL:RBAMS:2005:AU2370
Rechtbank Amsterdam
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid advocaat voor nalatigheid in aansprakelijkstelling eerdere advocaat
De zaak betreft een vordering van A tegen haar huidige advocaat B wegens het niet tijdig aansprakelijk stellen van haar eerdere advocaat D voor een vermeende beroepsfout. A stelt dat D zonder haar instemming een schikkingsvoorstel heeft geaccepteerd namens haar, wat zij betwist. B heeft volgens A nagelaten dit adequaat te onderzoeken en aansprakelijkheid van D te claimen.
De rechtbank stelt vast dat A en Zwolsche Algemeene een schikking troffen over schadevergoeding na twee aanrijdingen, waarbij D namens A onderhandelde. A heeft deze schikking echter niet ondertekend en betwist dat zij ermee instemde. B heeft de aansprakelijkheid van D niet tijdig onderzocht, wat een tekortkoming is, maar het is nog onduidelijk of D daadwerkelijk een beroepsfout heeft gemaakt.
De rechtbank laat A toe bewijs te leveren dat zij niet akkoord ging met de schikking die D aan Zwolsche Algemeene meldde. Tevens wordt de zaak aangehouden voor bewijslevering, waarna verdere beslissing volgt. B is gehouden tot vergoeding van kosten die A maakte door de procedure tegen Zwolsche Algemeene, aangezien die vordering verjaard was en B dit niet tijdig aan A heeft medegedeeld.
Uitkomst: Advocaat B is tekortgeschoten in haar onderzoeksplicht en aansprakelijk voor gemaakte proceskosten; bewijs over beroepsfout van D wordt toegelaten en zaak aangehouden.