ECLI:NL:RBAMS:2005:AU2638
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Tonkens-Gerkema
- J.R. Branbergen
- M. van Hees
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig handelen van AFM en banken bij effectenbeheer via commanditaire vennootschappen
De zaak betreft een collectieve vordering van particuliere beleggers, stille vennoten in commanditaire vennootschappen waarin Stichting BeFra als beherend vennoot optrad. BeFra trad op als cliëntenremisier, orderremisier en vermogensbeheerder zonder de vereiste vergunningen. Banken voerden effectenorders uit en sloten vermogensbeheerovereenkomsten met BeFra, terwijl AFM haar toezichthoudende taak niet naar behoren vervulde.
De rechtbank stelde vast dat BeFra op grote schaal met gelden van derden handelde en dat de banken onrechtmatig hebben gehandeld door met BeFra in zee te gaan zonder vergunning. AFM had vanaf mei 1999 moeten ingrijpen maar deed dit niet adequaat. De notaris die betrokken was bij de oprichting van de commanditaire vennootschappen werd niet aansprakelijk gehouden.
De rechtbank veroordeelde AFM en de banken hoofdelijk tot vergoeding van tweederde van de door onttrekkingen ontstane schade van de stille vennoten, waarbij een derde van de schade voor eigen rekening van de stille vennoten blijft. De primaire vorderingen werden toegewezen, terwijl subsidiaire vorderingen werden afgewezen. De omvang van de schade en het causaal verband worden nader vastgesteld in een schadestaatprocedure.
Uitkomst: AFM en de banken zijn hoofdelijk aansprakelijk voor tweederde van de schade van stille vennoten en veroordeeld tot vergoeding daarvan.