ECLI:NL:RBAMS:2006:AV4173
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Sj.A. Rullmann
- Rechtspraak.nl
Weigering van verbod op preventieve verstoringsmaatregelen door Gemeente Amsterdam
Eiser, woonachtig met zijn gezin, werd in juni 2005 aangehouden en onderzocht wegens verdenking van het plaatsen van postings die opriepen tot gewapende strijd. Hoewel de strafzaak nog niet is afgerond, is hij niet meer verdacht van deelname aan een criminele organisatie. Vanaf november 2005 wordt eiser preventief door de politie verstoord, onder meer door herkenbare surveillance met politieauto's die meerdere keren per dag door zijn straat rijden.
Eiser vordert in kort geding een verbod op deze verstoringen, een interne instructie aan betrokken ambtenaren en een voorschot op immateriële schadevergoeding wegens psychische schade. Hij stelt dat de verstoringen onrechtmatig zijn omdat zij geen wettelijke basis hebben en disproportioneel zijn, en dat hij en zijn gezin hierdoor psychisch zijn getroffen.
De gemeente stelt dat de maatregelen gebaseerd zijn op artikel 12 van Pro de Politiewet en noodzakelijk zijn ter bescherming van de openbare orde, mede vanwege contacten van eiser met leden van de Hofstadgroep. De rechtbank oordeelt dat de verstoringen een inbreuk vormen op de persoonlijke levenssfeer, maar dat deze inbreuk gerechtvaardigd en proportioneel is. De vorderingen worden daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en verklaart de verstoringsmaatregelen rechtmatig en proportioneel.