ECLI:NL:RBAMS:2006:AX8475
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.R.M. Vermolen
- J.M.J. Lommen-van Alphen
- P.B. Martens
- Rechtspraak.nl
Heropening en schorsing onderzoek Europees aanhoudingsbevel wegens vragen over betekening verstekvonnis
De rechtbank Amsterdam behandelde een vordering tot overlevering van een opgeëiste persoon op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door Belgische autoriteiten. Het EAB betreft de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf van twee jaar opgelegd bij verstekvonnis wegens medeplegen van diefstal, opzetheling en deelneming aan een criminele organisatie.
De opgeëiste persoon voerde onder meer aan dat het EAB niet-ontvankelijk zou moeten worden verklaard vanwege gelijktijdige EAB’s en betwistte de bevoegdheid van de Procureur des Konings. Tevens was onduidelijk of de opgeëiste persoon persoonlijk in kennis was gesteld van de datum en plaats van de terechtzitting, zoals vereist voor het kunnen aanvechten van het verstekvonnis.
De rechtbank oordeelde dat er geen bezwaar is tegen gelijktijdige behandeling van twee EAB’s uit dezelfde lidstaat en bevestigde de bevoegdheid van de Procureur des Konings. Echter, vanwege onduidelijkheid over de betekening van het vonnis en de start van de verzettermijn, werd het onderzoek heropend en geschorst tot beantwoording van specifieke vragen door de Belgische justitiële autoriteit. Tevens werd de beslistermijn verlengd met 30 dagen.
Uitkomst: Onderzoek heropend en geschorst tot beantwoording vragen over betekening verstekvonnis en verzettermijn.