ECLI:NL:RBAMS:2006:AY5613
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.J.L.M. van Dijk
- H.J. Tijselink
- M.J.M. Langeveld
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ISD-maatregel wegens onmogelijkheid klinische opname en noodzaak alternatieve behandeling
De rechtbank Amsterdam behandelde op 16 juni 2006 het verzoek tot tussentijdse beoordeling van de voortzetting van een ISD-maatregel opgelegd op 21 oktober 2005. Veroordeelde zat in detentie en wachtte al acht maanden op opname in een kliniek, maar door landelijke financieringsproblemen en wachtlijsten was opname niet mogelijk.
Veroordeelde erkende cannabisgebruik, maar wilde vrijwillig deelnemen aan behandeling buiten detentie, bijvoorbeeld in een kliniek of beschermde woonvorm. Een deskundige verklaarde dat opname in de gewenste kliniek De Meren niet mogelijk was en dat een alternatieve ambulante zorgplek bij een RIBW werd onderzocht. De rechtbank stelde vast dat de voortzetting van de ISD-maatregel niet langer bijdroeg aan de noodzakelijke klinisch-psychiatrische behandeling.
Gezien de onduidelijkheid over financiering en het ontbreken van een korte termijn oplossing, besloot de rechtbank de ISD-maatregel te beëindigen per 15 augustus 2006, met een redelijke transitietermijn voor overdracht naar de geestelijke gezondheidszorg. De beslissing werd genomen in een openbare raadkamer, waarbij ook de belangen van veroordeelde en de betrokken deskundigen werden meegewogen.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de ISD-maatregel per 15 augustus 2006 vanwege het ontbreken van een geschikte klinische opname en de noodzaak van alternatieve behandeling.