ECLI:NL:RBAMS:2006:AZ3784
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- U.W. baron Bentinck
- G.A. Bouter-Rijksen
- A. Tegelaar
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 36 maanden gevangenisstraf voor grootschalige softdrugshandel via telefonisch tussenpersoon
De rechtbank Amsterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 36 maanden voor zijn rol in een grootschalige softdrugshandelszaak. Verdachte fungeerde als telefonisch tussenpersoon tussen de feitelijk leidinggevenden in het buitenland en een mededader die het transport ter plaatse organiseerde. Hierdoor was verdachte verantwoordelijk voor het regelen en uitvoeren van het drugstransport zonder zelf het vervoer te verrichten.
Het bewezen verklaarde betreft het in Nederland binnenbrengen en aanwezig hebben van veertien pallets met hashish in een Franse vrachtwagen in de periode van 1 januari 2006 tot en met 2 april 2006. De rechtbank acht het wettig en overtuigend bewezen dat verdachte medepleegde in het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten, de omvang van de handel, de maatschappelijke schadelijkheid van softdrugs, en de rol van verdachte als belangrijke schakel binnen het samenwerkingsverband. Verdachte had geen eerdere veroordelingen. De rechtbank legde een gevangenisstraf op van 36 maanden met aftrek van voorarrest en wees een geldboete af.
De rechtbank benadrukte de noodzaak om grootschalige handel in softdrugs en de daarmee gepaard gaande neveneffecten, zoals vermogenscriminaliteit en witwassen, krachtig te bestrijden. Verdachte droeg bij aan een uiterst lucratieve handel met een straatwaarde van ongeveer €3.000 per kilo hash. De uitspraak werd gedaan op 5 december 2006 door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Amsterdam.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van grootschalige softdrugshandel.